De kernreactor van een vliegdekschip bevat te veel hoogverrijkt uranium voor civiele toepassingen. Andere typen kleine reactoren zijn echter in opkomst.
Begin dit jaar stuurden de VS een oorlogsvloot naar de Arabische Zee, waaronder de USS Abraham Lincoln: een enorm vliegdekschip, aangedreven door een kernreactor. Die aandrijving trok de belangstelling van Jos Van Haegenborgh in Zandhoven. “Waarom kan de technologie van zo’n kernreactor niet gebruikt worden als minikernreactor in onze stroomvoorziening?”, mailt hij.
Het Amerikaanse vliegdekschip heeft twee kernreactoren aan boord die samen zo’n 194 megawatt aan vermogen leveren, genoeg voor ongeveer 194.000 gezinnen. Ze zijn speciaal ontworpen voor het schip en dus zeer compact, bestand tegen golfbewegingen en maken dat het schip nooit hoeft te tanken – handig in oorlogstijd. “Sommige onderzeeërs en vliegdekschepen kunnen hun hele levensduur van dertig jaar doorvaren, zonder ooit hun splijtstof te moeten vervangen”, vertelt voorlichter Niels Vanacker van het Belgian Nuclear Forum.
Dat we toch liever niet onze wasmachines laten draaien op energie uit zo’n type kernreactor, is omdat die hoogverrijkt uranium gebruikt. Dat is zeer geschikt voor kernwapens. “Het gebruik van hoogverrijkt uranium brengt veiligheidsrisico’s met zich mee en gaat in tegen non-proliferatieverdragen”, zegt Vanacker. Kerncentrales voor civiele toepassingen werken op laagverrijkt uranium. Dat betekent dat het uraniummengsel maar enkele procenten splijtstof, uranium-235, bevat. Bij de kernsplitsing daarvan komt warmte vrij, waarmee een stoomturbine is aan te drijven.
Lees dit artikel verder op De Standaard, 7 mei 2026